Introductie

SEPA logo
Per februari 2014 zal het betalingsverkeer in Europa sterk zijn verandert. Door de introductie per 28 januari 2008 zal iedereen in Europa te maken krijgen met Single Euro Payments Area (SEPA) in een of andere vorm. SEPA maakt het mogelijk dat betalingen naar personen en bedrijven in participerende landen net zo makkelijk is als het overmaken van betalingen binnen nationale grenzen. Dit moet leiden tot aanzienlijke kostenbesparing van het betalingsverkeer op Europees niveau Er doen 31 landen mee. Dat betekent dat ook landen die de Euro niet gebruiken als nationaal betaalmiddel SEPA ondersteunen.

Niet langer is het noodzakelijk zijn alle lokale bestandsformaten te ondersteunen. SEPA schrijft bestandsuitwisseling voor op basis van de XML standaard ISO 20022, ook wel UNIFI (UNIversal Financial Industry) genoemd. Deze XML standaard is veel rijker aan informatie dan lokale bestandsformaten zoals bijvoorbeeld CLIEOP (Nederland), CIRI (België), enz.

De betaalproducten van de banken wordt gebaseerd op de handleidingen en implementatie richtlijnen van de European Payments Council (EPC), de vereniging van de Europese commerciële banken. De juridische onderbouwing wordt geleverd door de Payments Services Directive (PSD).

Er zijn nieuwe bestandsformaten voor overschrijvingen, uitwisseling tussen banken, en rapportage. De bestanden voor uitwisseling tussen banken is strak gebonden aan regels die weinig ruimte laten voor interpretatie. De rapportage bestandsformaten zijn voorgesteld door de EPC.

De bestandsformaten voor het uitvoeren van overschrijvingen zijn gestandaardiseerd door de EPC in implementatie richtlijnen. Naast deze algemeen geldende richtlijnen hebben bank verenigingen van een aantal landen richtlijnen opgesteld om de XML standaard te interpreteren aan de hand van de lokale betalingsgewoontes. Een voorbeeld hiervan is Nederland (NVB) en België (Febelfin).

SEPA Credit Transfer (SCT)

Het bestandsformaat voor het initiëren van betalingen is gedefinieerd in de ISO standaard pain.001.001.03 (tot februari 2014, daarna pain.001.001.04). Het gebruik van de velden in het formaat is beschreven door de EPC, waarbij is aangeven hoe klanten van banken deze velden kunnen gebruiken. Van deze velden is aangegeven welke verplicht zijn, welke velden zeker zullen worden ondersteund (gele velden) en welke velden allen worden gebruikt als de desbetreffende bank een expliciete overeenkomst met de klant heeft (witte velden). Hierbij valt meteen op dat het aantal velden groter is dan in het nationale en internationale betalingsverkeer gebruikelijk is. UNIFI is minder rijk aan informatie dan EDIFACT standaard PAYMUL, maar aangezien het gebruik van de velden door EPC is gestandaardiseerd kunnen meer velden gebruikt worden door participanten. Dit geeft de zekerheid dat de financiële tegenpartij deze velden daadwerkelijk gaat ontvangen.

SEPA Direct Debit(SDD)

Voor het initiëren van incasso's, in SEPA termen SEPA Direct Debit, wordt gebruik gemaakt van pain.008.001.02 (tot februari 2014, daarna pain.008.001.03). Per 1 november 2010 zijn banken verplicht om SDD te kunnen afhandelen. Vanaf februari 2014 is SEPA de standaard, maar het kan niet uitgesloten worden dat banken wat langer oude formaten blijven ondersteunen.

Belangrijke veranderingen in de bestandsformaten

In SEPA wordt gebruik gemaakt met internationale rekeningnummers IBAN en BIC. Naam en adresgegevens kunnen veel langer zijn. Identificatiecodes kunnen 35 tekens zijn, ten opzichte van de 16 tekens die in Nederland gebruikelijk zijn. Veel organisaties zijn bezig hun bestanden te veranderen zodat IBAN wordt ondersteund.

Ieder betaling moet gebruik maken van een identificatiecode die uniek is bij de versturende partij, het zogenaamde end-to-end id. Dit id wordt vermeld op het (elektronische) betalingsoverzicht van de versturende partij. Hiermee kan in de administratie worden vastgelegd of de betaling daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Ook in het betalingsoverzicht van de ontvangende partij zal dit id worden vermeld. Bij declamatie kan dit end-to-end is gebruikt worden tussen partijen om de betaling in de communicatie eenduidig te identificeren. De huidige werkwijze die gebruik maakt van een set van gegevens zoals datum, bedrag en rekeningnummer kan dan vereenvoudigd en verbeterd worden.
Dit end-to-end is mag niet verward worden met het betalingskenmerk. In UNIFI terminologie is dit de structured remittance information. Het betalingskenmerk wordt geleverd door de ontvangende partij en in sommige gevallen, zoals de belastingdienst, verplicht gesteld aan de versturende partij om te worden vermeld in de betaling.

Bij SEPA incasso's krijgt iedere crediteur een identificatie die uniek is binnen Europa. Ieder land heeft de uitgifte van deze creditor ids anders geregeld. In Nederland is het gebaseerd op het handelsnummer van de Kamer van Koophandel. Banken gebruiken dit handelsnummer om het creditor id uit te geven. Meer informatie is beschikbaar.

Deze site

Op deze site wordt algemene informatie gegeven, en meer specifieke informatie over de SEPA formaten. De algemene informatie is zoveel mogelijk in het Nederlands. De tools die deze site beschikbaar stelt zijn vooral in het Engels.

Voor het gebruik van SEPA XML formaten door banken en bedrijven is een artikel beschikbaar.